Vandaag is er een ceremonie gehouden om de geest van de overleden jongeman rust te geven en mogelijke kwaadaardige spirits te verdrijven.
Inmiddels is de officiele versie van het ongeval bekend. Het schijnt dus inderdaad een ongeval te zijn en geen zelfmoord. De man was thuisgekomen, had kaarsen aangestoken en de ramen gelsoten tegen de kou. Vervolgens was hij dronken op zijn matras gaan liggen en in slaap gevallen. Een van de kaarsen is misschien omgevallen en heeft de matras in vlam gezet. Hij is door de rook gestikt en niet door het vuur omgekomen.
Wij waren vanmorgen naar de school geweest voor de kerstbrunch en toen we thuis kwamen, was de verbrande matras en andere geblakerde en verschroeide troep naar buiten gebracht. Het huis was van binnen schoon gemaakt en er waren 5 monniken gekomen voor een ceremonie. Men had een stropop gemaakt die de verbrande man moest voorstellen. Als ik het goed heb begrepen van On is de geest van de jongeman in de stropop gevaren. De monniken gingen " chanten" , wat plm. 5 kwartier duurde. On, Saengdao en veel buren waren aanwezig en er werd geld ingezameld voor de ceremonie. Na afloop werd met wijwater de woning en de omgeving besprenkeld en On vroeg of ook hun huis gezegend kon worden. Dat kon en zo lagen er door het hele huis druppels water. Omdat ze toch bezig waren heb ik gevraagd ook de motoren van On en Simon te wijden. Baat het niet, het schaadt ook niet.
Gisteren is On ook nog naar een tempel geweest om te offeren en de aanwezige monnik te vragen voor zegen. Ze kreeg een streng koortjes om haar hals en pols en nu voelt ze zich weer helemaal gerust.
De buren komen helaas niet terug. Vandaag hebben ze al hun spullen weggehaald en ze hebben nu woonruimte gevonden op een plek die bepaald niet dichtbij is. Heel jammer vooral voor On.
Ik zei nog optimistisch dat er misschien andere aardige mensen voor terugkomen, maar Simon denkt dat het huis voorlopig niet te verhuren is. Ondanks dus de reinigende ceremonie.
En nu maar afwachten of de troep buiten wordt weggehaald. Misschien van de week nog, maar we hoeven er ook niet van op te kijken als het er over een jaar nog ligt.
donderdag, december 24, 2009
dinsdag, december 22, 2009
Mijn 73e verjaardag
Zondag 20 december was ik jarig. De 73e. Ongelooflijk.
Het begon al heel gezellig met Simon, On en de kinderen die cadeautjes kwamen brengen. Dat gaf al meteen een jarig gevoel, Na het ontbijt ging On naar de markt voor het inslaan van eten, want er waren diverse bekenden uitgenodigd.
Bij het koken kreeg ze hulp van haar vriendin Toy. Vanaf 16 uur druppelden de gasten binnen. Julia bracht een vriendin van haar mee, die momenteel bij haar logeert. Natasje, ook uit Rusland. Het werd heel gezellig en het eten was heerlijk. Veel te veel natuurlijk. Vooral Natasja was bezig zich te overeten, want ze vond alles even heerlijk. Groot compliment dus voor On en Toy die heel veel werk hadden gehad aan de bereiding van al het voedsel.
Halverwege de avond kwamen Yoko en haar man. Zij brachten bruine kleefrijst mee met boontjes. Het gerecht wordt in Japan gegeten bij feestelijke gelegenheden. Ik had niet veel honger meer en dat was erg jammer. De rijst was heerlijk en ook het andere gerecht dat ze meebracht. Ik weet niet wat het was, maar het smaakte voortreffelijk. Kees nodigde mij en On uit om de andere dag koffie te gaan drinken in Le Petit Cafe, waar ik nog nooit geweest was. Daarna eten in een macrobiotisch eethuis en vervolgens zouden we nog een markt bezoeken waar onbespoten groente en fruit wordt verkocht. Een origineel cadeau.
Het was een prachtige zwoele zomeravond, eigenlijk is dat hier een winteravond. Maar plotseling kwam er een storbui, zodat we overhaast naar binnen moesten. Op de overloop werd het samenzijn genoeglijk voortgezet en wachtten de gasten tot het droog was en iedereen naar huis ging. Met Kees spraken we af dat hij On en mij maandag tegen elf uur zou komen halen.
En inderdaad, tegen 11 uur gingen we op weg met de songthaw. Le Petit cafe bleek een heel gezellige koffieshop te zijn met een fraai en intiem terras. De koffie was heerlijk en na een uurtje liepen we naar het eethuis. Het voedsel vond ik heerlijk, maar On ging toch maar even aan de overkant van de straat een pittig gerecht eten, want de macrobiotsiche maaltijd was haar te flauw. Het nagerecht was gemaakt van boombast. Kees wist niet precies van welke boom. Het smaakte lekker en fris. Heel bijzonder. Nooit gedacht dat ik nog eens boombast zou eten.
Vervolgens liepen we naar de markt, waar we aardig wat fruit insloegen, waaronder verse ananas waar ik dol op ben. Vervolgens weer met de songthaw naar huis. Al met al een zeer geslaagde verjaardagsparty.
Het begon al heel gezellig met Simon, On en de kinderen die cadeautjes kwamen brengen. Dat gaf al meteen een jarig gevoel, Na het ontbijt ging On naar de markt voor het inslaan van eten, want er waren diverse bekenden uitgenodigd.
Bij het koken kreeg ze hulp van haar vriendin Toy. Vanaf 16 uur druppelden de gasten binnen. Julia bracht een vriendin van haar mee, die momenteel bij haar logeert. Natasje, ook uit Rusland. Het werd heel gezellig en het eten was heerlijk. Veel te veel natuurlijk. Vooral Natasja was bezig zich te overeten, want ze vond alles even heerlijk. Groot compliment dus voor On en Toy die heel veel werk hadden gehad aan de bereiding van al het voedsel.
Halverwege de avond kwamen Yoko en haar man. Zij brachten bruine kleefrijst mee met boontjes. Het gerecht wordt in Japan gegeten bij feestelijke gelegenheden. Ik had niet veel honger meer en dat was erg jammer. De rijst was heerlijk en ook het andere gerecht dat ze meebracht. Ik weet niet wat het was, maar het smaakte voortreffelijk. Kees nodigde mij en On uit om de andere dag koffie te gaan drinken in Le Petit Cafe, waar ik nog nooit geweest was. Daarna eten in een macrobiotisch eethuis en vervolgens zouden we nog een markt bezoeken waar onbespoten groente en fruit wordt verkocht. Een origineel cadeau.
Het was een prachtige zwoele zomeravond, eigenlijk is dat hier een winteravond. Maar plotseling kwam er een storbui, zodat we overhaast naar binnen moesten. Op de overloop werd het samenzijn genoeglijk voortgezet en wachtten de gasten tot het droog was en iedereen naar huis ging. Met Kees spraken we af dat hij On en mij maandag tegen elf uur zou komen halen.
En inderdaad, tegen 11 uur gingen we op weg met de songthaw. Le Petit cafe bleek een heel gezellige koffieshop te zijn met een fraai en intiem terras. De koffie was heerlijk en na een uurtje liepen we naar het eethuis. Het voedsel vond ik heerlijk, maar On ging toch maar even aan de overkant van de straat een pittig gerecht eten, want de macrobiotsiche maaltijd was haar te flauw. Het nagerecht was gemaakt van boombast. Kees wist niet precies van welke boom. Het smaakte lekker en fris. Heel bijzonder. Nooit gedacht dat ik nog eens boombast zou eten.
Vervolgens liepen we naar de markt, waar we aardig wat fruit insloegen, waaronder verse ananas waar ik dol op ben. Vervolgens weer met de songthaw naar huis. Al met al een zeer geslaagde verjaardagsparty.
zondag, december 20, 2009
Een tragische gebeurtenis
In de nacht van vrijdag op zaterdag Is in het huis hier tegenover brand geweest en de bewoner kwam om het leven. Achteraf kan ik me herinneren dat ik veel gepraat hoorde en veel auto's, maar ik dacht dat ergens een party gaande was. 's Morgens hoorde ik dus van de brand. Het huisje hier tegenover is niet groot, het zijn twee woningen onder een dak. Aan de rechterzijde woont een gezin waar Simon en On een leuk contact mee hebben en links zijn wisselende bewoners. De laatste was dus de omgekomen bewoner. Het verhaal gaat dat hij pillen heeft genomen en daarna brand gesticht. Een ander verhaal is dat hij stomdronken was en bij het aansteken van kaarsen zelf in brand was gevlogen. On en Simon hadden de sirenes gehoord en gingen kijken. De hele buurt liep uit, behalve ik. Het huisje is van binnen gedeeltlijk verbrand, maar men was er op tijd bij.
De andere dag, ik zat op het dakterras, zag ik ineens wat officiele figuren verschijnen die de zaak gingen onderzoeken. Inmiddels had de halve buurt al over het erf gelopen. Toen de voordeur open ging, kwamen meteen allerlei buurtbewoners een kijkje nemen plus wat toevallige passanten. De rechercheur wilde nagaan of er misdaad in het spel was. Ondervroeg wat omstanders, hoewel iedereen al uitvoerig met elkaar had staan praten en er de meest wilde verhalen al de ronde deden. Ook werd het huis aan de buitenkant uitvoerig gefotografeerd. Maar geen afzettingen of een agent die de nieuwgierigen op afstand houdt. Het lijkt mij een politieonderzoek van lik me vestje.
Maar de dood van zo'n jonge man (31 jaar) is tragisch. Na een poosje kwam zijn vrouw met twee kindertjes die erbarmelijk huilden.
En....... wat ik al gevrees had. Veel mensen zijn nu bang voor de mogelijk ronddolende geest van deze man. On durft 's avonds niet alleen naar beneden en durft ook niet bij het hek te komen. De aardige overburen willen er niet blijven wonen en slapen al ergens anders. Het wordt nog een toer voor de eigenaar om het huis weer op korte termijn te verhuren.
Gisteravond waren we even weggeweest en een vriendin van On bracht ons met de auto thuis. Vlak voor het huis deed ze de ramen al dicht en ze wilde perse de oprit opijden. On moest de auto uit om het hek te openen en deed dat met frisse tegenzin. Logisch redeneren helpt niet. De mensen zijn bang voor de mogelijk ronddolende geest.
De andere dag, ik zat op het dakterras, zag ik ineens wat officiele figuren verschijnen die de zaak gingen onderzoeken. Inmiddels had de halve buurt al over het erf gelopen. Toen de voordeur open ging, kwamen meteen allerlei buurtbewoners een kijkje nemen plus wat toevallige passanten. De rechercheur wilde nagaan of er misdaad in het spel was. Ondervroeg wat omstanders, hoewel iedereen al uitvoerig met elkaar had staan praten en er de meest wilde verhalen al de ronde deden. Ook werd het huis aan de buitenkant uitvoerig gefotografeerd. Maar geen afzettingen of een agent die de nieuwgierigen op afstand houdt. Het lijkt mij een politieonderzoek van lik me vestje.
Maar de dood van zo'n jonge man (31 jaar) is tragisch. Na een poosje kwam zijn vrouw met twee kindertjes die erbarmelijk huilden.
En....... wat ik al gevrees had. Veel mensen zijn nu bang voor de mogelijk ronddolende geest van deze man. On durft 's avonds niet alleen naar beneden en durft ook niet bij het hek te komen. De aardige overburen willen er niet blijven wonen en slapen al ergens anders. Het wordt nog een toer voor de eigenaar om het huis weer op korte termijn te verhuren.
Gisteravond waren we even weggeweest en een vriendin van On bracht ons met de auto thuis. Vlak voor het huis deed ze de ramen al dicht en ze wilde perse de oprit opijden. On moest de auto uit om het hek te openen en deed dat met frisse tegenzin. Logisch redeneren helpt niet. De mensen zijn bang voor de mogelijk ronddolende geest.
Markt in Mae Sai
Markt in Mae Sai
Van de week zijn we naar Mae Sai geweest, de plaats aan de grens met Birma. Simon ging op zijn bromfiets, want hij wilde ook de grens over om zijn visum te verlengen. Eerst gingen we ontbijten in ons favoriete vegetarisch restaurant en daarna namen On en ik de bus van 8.30 uur naar Mae Sai. Een klein busje, waar ik naar mijn gevoel op een kinderbank zat. Ik kon dwars zitten, vlak voor de deur die open bleef i.v.m. de frisse lucht. Onderweg is er altijd wel wat te zien. Ik vind het moeilijk te omschrijven hoe alles eruit ziet. De huizen zijn meestal van beton, vooral zgn. shophouses. Onderin is de winkel of het bedrijf/werkplaats en boven kan gewoond worden. Alles ziet er nogal rommelig uit. Verder veel rijstvelden met alleen de stoppels nog, want de rijst is al geoogst, Op de achtergrond de bergen en af en toe gaan we door een kleine plaats. De bus stopt ook als iemand gewoon zomaar ergens in wil stappen en wie eruit wil zegt tegen de chauffeur wat de handigste plek is. En zo sukkelden we naar ons doel. In de bus raakte ik in gesprek met een Franse vrouw, naar schatting plm. 60 jaar, die in haar eentje een rondreis maakte. Ze was al in het zuiden van Thailand gewest, had twee weken door Birma gereisd en was nu aan het reizen door Noord Thailand. Ze wilde naar de theeplantages in Doi Salong. Ze hoopte op een motortaxie in Maechang, maar ik zei haar dat ze beter een songthaw kon proberen te huren en overnachten in Mae Salong waar genoeg guesthouses zijn. Die motortaxies zijn levensgevaarlijk. Het leek haar een goed idee, maar ik weet natuurlijk niet of alles gelukt is. Ze vertelde ook dat een georganiseerde reis niks voor haar was, want: " Ze had in haar leven genoeg achter anderen aan moeten lopen en doen wat anderen zeiden. Nu was ze vrij, had de tijd en deed lekker wat ze zelf wilde." Razend nieuwsgierig ben ik natuurlijk hoe haar leven was. Maar helaas, het blijft gissen.
De bus was rond tien uur bij het busstation van Mae Sai. Dan moet je dus met z'n allen in een kleine songthaw voor de laatste kilometers naar de plaats zelf. Dat vind ik altijd in verhouding duur, want het is p.p. 15 B. Maar de reis vanaf Chiang Rai naar het busstation is maar 23 B p.p.
Gelukkig was er sinds vorig jaar een aardige koffieshop gekomen aan de hoofdweg, want na bijna twee uur opgepropt te hebben gezeten was ik wel aan een kop koffie toe. Inmiddels was Simon de grens al over geweest en die kwam naar ons toe, waarna we met z'n drietjes de markt over gingen. Kleding is er voor een habbekrats te koop, alleen helaas niet in mijn maat. De kinderen moeten ook nieuwe schoenen en die waren maar 250 B per paar. Mooie, stevige schoenen. Die krijgen ze met Kerstmis. In een chinees eethuis gingen we rusten en wat eten. Inmiddels waren we alledrie versleten en gingen we weer naar huis. Dit keer konden On en ik met de aircon bus, die ook heel wat beter zit. Slechts 42 B per persoon, dat is nog geen euro per persoon. Het openbaar vervoer is hier goedkoop en heel goed. Er is een dicht net van buslijnen door het hele land. Zo kun je rechtstreeks van Chiang Rai naar Bangkok, maar ook naar Rayong aan de Golf van Thailand en naar grote plaatsen in het noordoosten, zoals Khong Kaen. Alleen voor de meest afgelegen dorpjes is vaak nog iemand nodig die je op de brommer of met een pick up verder bengt.
Van de week zijn we naar Mae Sai geweest, de plaats aan de grens met Birma. Simon ging op zijn bromfiets, want hij wilde ook de grens over om zijn visum te verlengen. Eerst gingen we ontbijten in ons favoriete vegetarisch restaurant en daarna namen On en ik de bus van 8.30 uur naar Mae Sai. Een klein busje, waar ik naar mijn gevoel op een kinderbank zat. Ik kon dwars zitten, vlak voor de deur die open bleef i.v.m. de frisse lucht. Onderweg is er altijd wel wat te zien. Ik vind het moeilijk te omschrijven hoe alles eruit ziet. De huizen zijn meestal van beton, vooral zgn. shophouses. Onderin is de winkel of het bedrijf/werkplaats en boven kan gewoond worden. Alles ziet er nogal rommelig uit. Verder veel rijstvelden met alleen de stoppels nog, want de rijst is al geoogst, Op de achtergrond de bergen en af en toe gaan we door een kleine plaats. De bus stopt ook als iemand gewoon zomaar ergens in wil stappen en wie eruit wil zegt tegen de chauffeur wat de handigste plek is. En zo sukkelden we naar ons doel. In de bus raakte ik in gesprek met een Franse vrouw, naar schatting plm. 60 jaar, die in haar eentje een rondreis maakte. Ze was al in het zuiden van Thailand gewest, had twee weken door Birma gereisd en was nu aan het reizen door Noord Thailand. Ze wilde naar de theeplantages in Doi Salong. Ze hoopte op een motortaxie in Maechang, maar ik zei haar dat ze beter een songthaw kon proberen te huren en overnachten in Mae Salong waar genoeg guesthouses zijn. Die motortaxies zijn levensgevaarlijk. Het leek haar een goed idee, maar ik weet natuurlijk niet of alles gelukt is. Ze vertelde ook dat een georganiseerde reis niks voor haar was, want: " Ze had in haar leven genoeg achter anderen aan moeten lopen en doen wat anderen zeiden. Nu was ze vrij, had de tijd en deed lekker wat ze zelf wilde." Razend nieuwsgierig ben ik natuurlijk hoe haar leven was. Maar helaas, het blijft gissen.
De bus was rond tien uur bij het busstation van Mae Sai. Dan moet je dus met z'n allen in een kleine songthaw voor de laatste kilometers naar de plaats zelf. Dat vind ik altijd in verhouding duur, want het is p.p. 15 B. Maar de reis vanaf Chiang Rai naar het busstation is maar 23 B p.p.
Gelukkig was er sinds vorig jaar een aardige koffieshop gekomen aan de hoofdweg, want na bijna twee uur opgepropt te hebben gezeten was ik wel aan een kop koffie toe. Inmiddels was Simon de grens al over geweest en die kwam naar ons toe, waarna we met z'n drietjes de markt over gingen. Kleding is er voor een habbekrats te koop, alleen helaas niet in mijn maat. De kinderen moeten ook nieuwe schoenen en die waren maar 250 B per paar. Mooie, stevige schoenen. Die krijgen ze met Kerstmis. In een chinees eethuis gingen we rusten en wat eten. Inmiddels waren we alledrie versleten en gingen we weer naar huis. Dit keer konden On en ik met de aircon bus, die ook heel wat beter zit. Slechts 42 B per persoon, dat is nog geen euro per persoon. Het openbaar vervoer is hier goedkoop en heel goed. Er is een dicht net van buslijnen door het hele land. Zo kun je rechtstreeks van Chiang Rai naar Bangkok, maar ook naar Rayong aan de Golf van Thailand en naar grote plaatsen in het noordoosten, zoals Khong Kaen. Alleen voor de meest afgelegen dorpjes is vaak nog iemand nodig die je op de brommer of met een pick up verder bengt.
zondag, december 13, 2009
De eerste dagen
De eerste dagen
Het is altijd weer even wennen aan het tijdsverschil en het andere klimaat. Zaterdag dus een beetje gesudderd. Wel even gerust omdat het fijn is weer in horizontale stand te zijn. De kinderen zijn goed vooruit gegaan met Engels, waardoor ik al hele gesprekken met ze kan voeren en dat is heel plezierig. Zondag ben ik even met On koffie gaan drinken bij Aya's Place, dat gerund wordt door een Nederlander. Maandag gingen we met z'n allen ontbijten in een vegetarisch eethuis waar ze heerlijke noedelsoep hebben. Rijst voor ontbijt spreekt me niet zo aan, maar die noedelsoep is heerlijk. Voor de lunch namen we wat gestoomde broodjes mee die zijn gevuld met een bonenpasta. Het ontbijt is hier zo goedkoop, dat je dat thuis niet voordeliger kan doen. Daarna ben ik met de kinderen naar Cafe Doi Chaang gelopen voor cappuccino. De kinderen wilden alleen een koekje. Je kunt in dat cafe heel plezierig zitten, zowel op een terras als binnen. Er is een soort binnentuintje met een vijver met vissen en een waterval. Ze vinden het erg leuk om daar te zitten en naar de vissen te kijken.
Dinsdag moesten ze weer naar school en ging ik met Simon en On naar de Big C om nog een presentje te kopen, want in Nederland had ik niks kunnen vinden dat niet al te zwaar was. In de Big C konden we ook een nep-kerstboom kopen en wat versiering en lichtjes. Luid gejuich toen ze thuis kwamen uit school, want ze hadden meteen door dat in die langwerpige doos een kerstboom zat. Ze hebben hem met Simon opgetuigd en Nakharin fantaseerde al dat daar cadeautjes onder konden liggen. Hij vraagt nu regelmatig over hoeveel dagen het Kerstmis is.
En vanaf dinsdag voelde ik al een verkoudheid opkomen die ontaardde in een flinke zware kou waar ik behoorlijk beroerd van was. De hele vrijdag en zaterdag op bed gelegen en u is er weer herstel gelukkig.
Ik had wel uit Nederland echte pepernoten meegenomen en sinterklaasschuimpjes. Het viel me mee dat ze de pepernoten lekker vonden. Maar Sinterklaas zegt ze niet zoveel. Simon heeft er wel over verteld en ook een keer een Sinterklaasfilm vertoond, maar verder leeft het hier niet zo. Wel Kerstmis, wat ook wel komt doordat dit feest wel gevierd wordt door andere westerlingen. Alleen de Nederlanders kennen Sinterklaas.
De nachten en ochtenden zijn fris, maar niet zo koud als vorig jaar. Maar ik ben wel blij met mijn warme pyama en de bedsokken, want het huis koelt toch behoorlijk af in de nacht. Gelukkig schijnt overdag de zon en die brengt de temperatuur aardig omhoog zodat het vanaf een uur of elf echt lekker zomerweer is. Na al die grijze dagen voor mijn vertrek knap ik hier echt van op.
Het was mijn bedoeling om hier een fiets te huren of te kopen, maar ik kan niks vinden dat geschikt is voor mij. De fiets moet niet te hoog zijn en een lage instap hebben. Maar helaas, niet te vinden dus. Het blijft dus bij rijden in een songthaw of tuktuk en lopen voor zover dat gaat. Maar het gaat al beter met mijn knie. Zoals de orthopeed al tegen me zei, is de warmte helend. Wie weet, loop ik weer als een kieviet als ik hier wegga.
Het is altijd weer even wennen aan het tijdsverschil en het andere klimaat. Zaterdag dus een beetje gesudderd. Wel even gerust omdat het fijn is weer in horizontale stand te zijn. De kinderen zijn goed vooruit gegaan met Engels, waardoor ik al hele gesprekken met ze kan voeren en dat is heel plezierig. Zondag ben ik even met On koffie gaan drinken bij Aya's Place, dat gerund wordt door een Nederlander. Maandag gingen we met z'n allen ontbijten in een vegetarisch eethuis waar ze heerlijke noedelsoep hebben. Rijst voor ontbijt spreekt me niet zo aan, maar die noedelsoep is heerlijk. Voor de lunch namen we wat gestoomde broodjes mee die zijn gevuld met een bonenpasta. Het ontbijt is hier zo goedkoop, dat je dat thuis niet voordeliger kan doen. Daarna ben ik met de kinderen naar Cafe Doi Chaang gelopen voor cappuccino. De kinderen wilden alleen een koekje. Je kunt in dat cafe heel plezierig zitten, zowel op een terras als binnen. Er is een soort binnentuintje met een vijver met vissen en een waterval. Ze vinden het erg leuk om daar te zitten en naar de vissen te kijken.
Dinsdag moesten ze weer naar school en ging ik met Simon en On naar de Big C om nog een presentje te kopen, want in Nederland had ik niks kunnen vinden dat niet al te zwaar was. In de Big C konden we ook een nep-kerstboom kopen en wat versiering en lichtjes. Luid gejuich toen ze thuis kwamen uit school, want ze hadden meteen door dat in die langwerpige doos een kerstboom zat. Ze hebben hem met Simon opgetuigd en Nakharin fantaseerde al dat daar cadeautjes onder konden liggen. Hij vraagt nu regelmatig over hoeveel dagen het Kerstmis is.
En vanaf dinsdag voelde ik al een verkoudheid opkomen die ontaardde in een flinke zware kou waar ik behoorlijk beroerd van was. De hele vrijdag en zaterdag op bed gelegen en u is er weer herstel gelukkig.
Ik had wel uit Nederland echte pepernoten meegenomen en sinterklaasschuimpjes. Het viel me mee dat ze de pepernoten lekker vonden. Maar Sinterklaas zegt ze niet zoveel. Simon heeft er wel over verteld en ook een keer een Sinterklaasfilm vertoond, maar verder leeft het hier niet zo. Wel Kerstmis, wat ook wel komt doordat dit feest wel gevierd wordt door andere westerlingen. Alleen de Nederlanders kennen Sinterklaas.
De nachten en ochtenden zijn fris, maar niet zo koud als vorig jaar. Maar ik ben wel blij met mijn warme pyama en de bedsokken, want het huis koelt toch behoorlijk af in de nacht. Gelukkig schijnt overdag de zon en die brengt de temperatuur aardig omhoog zodat het vanaf een uur of elf echt lekker zomerweer is. Na al die grijze dagen voor mijn vertrek knap ik hier echt van op.
Het was mijn bedoeling om hier een fiets te huren of te kopen, maar ik kan niks vinden dat geschikt is voor mij. De fiets moet niet te hoog zijn en een lage instap hebben. Maar helaas, niet te vinden dus. Het blijft dus bij rijden in een songthaw of tuktuk en lopen voor zover dat gaat. Maar het gaat al beter met mijn knie. Zoals de orthopeed al tegen me zei, is de warmte helend. Wie weet, loop ik weer als een kieviet als ik hier wegga.
Vertrek naar Chiang Rai
Vertrek naar Chiang Rai.
Op vrijdag 4 december weer vertrokken naar Chiang Rai. Dit keer met Eva Air i.v.m. de voordelige prijs. Een businessclass stoel voor 869 euro retour. Veel voordeliger dan met China Airlines. Het toestel zou om 12.30 uur vertrekken, dus moesten we tegen 10 uur bij de balie zijn. Dat lukte prima. Michiel bracht me weer weg. I.v.m. mijn slechte rechterknie had ik assistentie geregeld op de vliegvelden. Dat ging prima. Op schiphol moest ik mij bij een aparte balie aanmelden waar ik ook kon wachten. Tegen boardingtime werd ik opgehaald en samen met nog een paar mensen werden we in een soort golfkarretje naar de gate gebracht. Het fijne was dat ik nergens in de rij hoefde. We gingen met voorrang door de paspoortcontrole en langs de bagagecontrole. We gingen als eersten aan boord en ik had een prima plaats aan het gangpad. De service aan boord was goed en de vlucht ging voorspoedig, al blijft het een vreselijk lange zit van bijna 11 uur. Af en toe liep ik een beetje om de bloedsomloop in gang te houden en kon ik bij een pantry wat gymoefeningen doen. Precies om 5.15 uur landden we op Suvarnabhumi Airpport Bangkok. Dit keer gingen de hulpbehoevenden als laatsten van boord en werden we met roelstoelen opgehaald. Alles ging pijlsnel. Weer met voorrang door immigratie via de VIP-loketten. De man die mijn roelstoel reed haalde mijn koffer van de band en zette die met mijn handbagage op een kar. Het was de bedoeling dat ik dan weer opgehaald zou worden, maar dat was niet zo. Dat idee had ik al dat niet goed was begrepen dat ik niet via de transferbalie zou reizen maar dat ik eerst mijn koffer moest halen. Ik vond het niet erg, want het was best lekker om even te lopen en ik kon op de kar leunen. Het was maar een kwartiertje lopen naar de vertrekhal van de binnenlandse vluchten en bij de incheckbalie van Thai Airways stond al weer een rolstoel klaar. Ik had bij hun businessclass geboekt en daardoor kon ik in de Silk Lounge wachten. Daar was ik al om half zeven en pas om 8 uur zou ik naar de gate moeten voor mijn vlucht naar Chiang Rai. In de lounge werd ik verwend met vers fruit en cappuccino. Er was nog meer te krijgen, maar daar had ik geen trek in.
Het was erg druk bij de binnenlandse vluchten. De koning was jarig en omdat zijn verjaardag op een zaterdag viel, zou maandag 7 december een extra vrije dag zijn. En donderdag 10 december was voor veel mensen ook een vrije dag i.v.m. constitutionday. Blijkbaar namen veel mensen een korte vakantie. Niet alleen naar de stranden, maar ook het noorden van Thailand is bij de Thailanders erg populair i.v.m. het koele klimaat in de maanden december en januari.
Precies om 8 uur werd ik weer gehaald en weer met voorrang naar het vliegtuig gebracht waar ik als eerste naar binnen kon. Prima geregeld dus. We vertrokken op tijd en waren tegen tien uur in Chiang Rai en daar stond de familie mij al op te wachten.
En de zon scheen! Heerlijk!
Op vrijdag 4 december weer vertrokken naar Chiang Rai. Dit keer met Eva Air i.v.m. de voordelige prijs. Een businessclass stoel voor 869 euro retour. Veel voordeliger dan met China Airlines. Het toestel zou om 12.30 uur vertrekken, dus moesten we tegen 10 uur bij de balie zijn. Dat lukte prima. Michiel bracht me weer weg. I.v.m. mijn slechte rechterknie had ik assistentie geregeld op de vliegvelden. Dat ging prima. Op schiphol moest ik mij bij een aparte balie aanmelden waar ik ook kon wachten. Tegen boardingtime werd ik opgehaald en samen met nog een paar mensen werden we in een soort golfkarretje naar de gate gebracht. Het fijne was dat ik nergens in de rij hoefde. We gingen met voorrang door de paspoortcontrole en langs de bagagecontrole. We gingen als eersten aan boord en ik had een prima plaats aan het gangpad. De service aan boord was goed en de vlucht ging voorspoedig, al blijft het een vreselijk lange zit van bijna 11 uur. Af en toe liep ik een beetje om de bloedsomloop in gang te houden en kon ik bij een pantry wat gymoefeningen doen. Precies om 5.15 uur landden we op Suvarnabhumi Airpport Bangkok. Dit keer gingen de hulpbehoevenden als laatsten van boord en werden we met roelstoelen opgehaald. Alles ging pijlsnel. Weer met voorrang door immigratie via de VIP-loketten. De man die mijn roelstoel reed haalde mijn koffer van de band en zette die met mijn handbagage op een kar. Het was de bedoeling dat ik dan weer opgehaald zou worden, maar dat was niet zo. Dat idee had ik al dat niet goed was begrepen dat ik niet via de transferbalie zou reizen maar dat ik eerst mijn koffer moest halen. Ik vond het niet erg, want het was best lekker om even te lopen en ik kon op de kar leunen. Het was maar een kwartiertje lopen naar de vertrekhal van de binnenlandse vluchten en bij de incheckbalie van Thai Airways stond al weer een rolstoel klaar. Ik had bij hun businessclass geboekt en daardoor kon ik in de Silk Lounge wachten. Daar was ik al om half zeven en pas om 8 uur zou ik naar de gate moeten voor mijn vlucht naar Chiang Rai. In de lounge werd ik verwend met vers fruit en cappuccino. Er was nog meer te krijgen, maar daar had ik geen trek in.
Het was erg druk bij de binnenlandse vluchten. De koning was jarig en omdat zijn verjaardag op een zaterdag viel, zou maandag 7 december een extra vrije dag zijn. En donderdag 10 december was voor veel mensen ook een vrije dag i.v.m. constitutionday. Blijkbaar namen veel mensen een korte vakantie. Niet alleen naar de stranden, maar ook het noorden van Thailand is bij de Thailanders erg populair i.v.m. het koele klimaat in de maanden december en januari.
Precies om 8 uur werd ik weer gehaald en weer met voorrang naar het vliegtuig gebracht waar ik als eerste naar binnen kon. Prima geregeld dus. We vertrokken op tijd en waren tegen tien uur in Chiang Rai en daar stond de familie mij al op te wachten.
En de zon scheen! Heerlijk!
donderdag, januari 22, 2009
Hesh House Harriers
Hesh House Harriers.
Julia had ons uitgenodigd om mee te lopen met de Hesh House Harriers. Ik had nog nooit van een dergelijke groep gehoord, maar het blijkt dat er veel van deze groepen zijn over de hele wereld. Ze zijn vooral populair onder expats. Het principe is gezelligheid, een stukje lopen of rennen en bier drinken. Juliia kwam ons halen en in optocht gingen we naar het verzamelpunt bij Buffalo Hill. Julia voorop in haar gele jeep, Daarachter de auto van Deng met hetzelfde gezelschap als 's morgens en Simon op zijn brommer. Toen we op het verzamelpunt kwamen was daar al een grote groep mensen aanwezig. De start zou om 15.30 uur zijn. Meestal kan er gekozen worden uit twee wandelingen. Een makkelijke, tamelijk korte en een zwaardere wandeling. Nu was er maar eentje en die zou behoorlijk zwaar zijn omdat er geklommen moest worden. Ik zag de eerste stijle helling al en besloot beneden te wachten. We moesten ons melden bij een penningmeester voor de inschrijving. De bierdrinkers moesten 150 B betalen voor eten en drinken na afloop en de niet-bierdrinkers 50 B.
Een van de organisatoren van de wandeling zei dat hij met zijn auto naar het eerste rustpunt boven op de berg zou rijden om water te brengen en ik kon met hem mee. Dat aanbod nam ik aan, want boveop de berg is een aardige tempel en je hebt er een prachtig uitzicht. Mijn gastheer stelde zich voor als Edwin. Hij komt uit Engeland, is getrouwd met een Thaise vrouw en woonde al meer dan 30 jaar in Chiang Rai. Het bleek dat het grootste deel van de berg van hem is. Hij reed me rond over zijn bezit en vertelde dat de fraaie huizen die er stonden, waren gebouwd door hem en zijn vrouw. Althans, zijn vrouw is bouwer/architect en onder haar supervisie worden de huizen gebouwd en hij verkoopt ze. Hij had nog allerlei andere zaken ook. Al met al hebben ze een groot bedrijf, waar hun kinderen ook werken.
We kwamen aan bij de tempel waar het uitzicht inderdaad grandioos was. Ook de tempel was een bezoekje waard. We waren er nog maar net, toen de eerste wandelaars, waaronder aardig wat kinderen, al aankwamen. Onderweg had ik ze al zien ploeteren en gezien dat ze er een aardig tempo in hielden. Iedereen werd van water voorzien en kon een poosje rusten en daarna ging het verder. Het verzamelpunt zou zijn bij het huis van Edwin, waar ik weer comfortabel naar toe gereden werd.
Wat een schitterend huis. Heel groot en prachtig gelegen halverwege Buffalo Hill. De heuvel is te zien vanuit het huis van Simon. Ik liep likkebaardend rond. Het huis was ook prachtig gedecoreerd en bij de patio en de verschillende doorgangen stonden fraaie vazen en potten van Chinees porcelein. Het zwembad was nu afgedekt, want in de winter is het water te koud om te zwemmen. Edwin vertelde dat het op de heuvel ook in de zomer 's avonds afkoelde en dat het huis zo gebouwd was dat ze in de zomer nauwelijks een airco nodig hadden.
Onder de eerste wandelaars die arriveerden bevonden zich Simon, Saengdao en Nakharin. Een kleinzoon van Edwin is een schoolvriendje van Nakharin en naderhand bleek dat de route een idee was van dit vriendje.
Inmiddels arriveerde ook het eten. Er stond al water, cola en bier klaar en zakjes chips. Er waren in totaal plm. 45 mensen en die konden allemaal zitten rondom de patio. Er werden ook nog pizza's en Thai food (kleefrijst en kip) bezorgd. Na het eten werden er toespraken gehouden. Het is wel een heel aparte sfeer en ik vond het gezellig. Tenslotte werden alle mensen naar voren geroepen die voor de eerste keer hadden meegelopen. Die worden de Virgins genoemd. Het waren er dit keer heel wat, waaronder een aantal kinderen. Ze werden toegezongen en het glas werd geheven. Het is de bedoeling dat je je glas in een keer leeg drinkt. Vroeger scheen het echt een verplichting te zijn dat je bier dronk, maar tegenwoordig mag water en cola ook.
Toen we weer naar huis gingen waren we het erover eens dat dit een buitengewoon gezelllige en sportieve happening was. Zoeiets wordt meestal 1 keer per maand georganiseerd, telkens door iemand anders. Simon en On denken de volgende keer ook weer te gaan.
Ik heb eens gezocht op internet en in Nederland bestaan drie van dergelijke groepen. In Den Haag, Amsterdam en Assen (!).
Julia had ons uitgenodigd om mee te lopen met de Hesh House Harriers. Ik had nog nooit van een dergelijke groep gehoord, maar het blijkt dat er veel van deze groepen zijn over de hele wereld. Ze zijn vooral populair onder expats. Het principe is gezelligheid, een stukje lopen of rennen en bier drinken. Juliia kwam ons halen en in optocht gingen we naar het verzamelpunt bij Buffalo Hill. Julia voorop in haar gele jeep, Daarachter de auto van Deng met hetzelfde gezelschap als 's morgens en Simon op zijn brommer. Toen we op het verzamelpunt kwamen was daar al een grote groep mensen aanwezig. De start zou om 15.30 uur zijn. Meestal kan er gekozen worden uit twee wandelingen. Een makkelijke, tamelijk korte en een zwaardere wandeling. Nu was er maar eentje en die zou behoorlijk zwaar zijn omdat er geklommen moest worden. Ik zag de eerste stijle helling al en besloot beneden te wachten. We moesten ons melden bij een penningmeester voor de inschrijving. De bierdrinkers moesten 150 B betalen voor eten en drinken na afloop en de niet-bierdrinkers 50 B.
Een van de organisatoren van de wandeling zei dat hij met zijn auto naar het eerste rustpunt boven op de berg zou rijden om water te brengen en ik kon met hem mee. Dat aanbod nam ik aan, want boveop de berg is een aardige tempel en je hebt er een prachtig uitzicht. Mijn gastheer stelde zich voor als Edwin. Hij komt uit Engeland, is getrouwd met een Thaise vrouw en woonde al meer dan 30 jaar in Chiang Rai. Het bleek dat het grootste deel van de berg van hem is. Hij reed me rond over zijn bezit en vertelde dat de fraaie huizen die er stonden, waren gebouwd door hem en zijn vrouw. Althans, zijn vrouw is bouwer/architect en onder haar supervisie worden de huizen gebouwd en hij verkoopt ze. Hij had nog allerlei andere zaken ook. Al met al hebben ze een groot bedrijf, waar hun kinderen ook werken.
We kwamen aan bij de tempel waar het uitzicht inderdaad grandioos was. Ook de tempel was een bezoekje waard. We waren er nog maar net, toen de eerste wandelaars, waaronder aardig wat kinderen, al aankwamen. Onderweg had ik ze al zien ploeteren en gezien dat ze er een aardig tempo in hielden. Iedereen werd van water voorzien en kon een poosje rusten en daarna ging het verder. Het verzamelpunt zou zijn bij het huis van Edwin, waar ik weer comfortabel naar toe gereden werd.
Wat een schitterend huis. Heel groot en prachtig gelegen halverwege Buffalo Hill. De heuvel is te zien vanuit het huis van Simon. Ik liep likkebaardend rond. Het huis was ook prachtig gedecoreerd en bij de patio en de verschillende doorgangen stonden fraaie vazen en potten van Chinees porcelein. Het zwembad was nu afgedekt, want in de winter is het water te koud om te zwemmen. Edwin vertelde dat het op de heuvel ook in de zomer 's avonds afkoelde en dat het huis zo gebouwd was dat ze in de zomer nauwelijks een airco nodig hadden.
Onder de eerste wandelaars die arriveerden bevonden zich Simon, Saengdao en Nakharin. Een kleinzoon van Edwin is een schoolvriendje van Nakharin en naderhand bleek dat de route een idee was van dit vriendje.
Inmiddels arriveerde ook het eten. Er stond al water, cola en bier klaar en zakjes chips. Er waren in totaal plm. 45 mensen en die konden allemaal zitten rondom de patio. Er werden ook nog pizza's en Thai food (kleefrijst en kip) bezorgd. Na het eten werden er toespraken gehouden. Het is wel een heel aparte sfeer en ik vond het gezellig. Tenslotte werden alle mensen naar voren geroepen die voor de eerste keer hadden meegelopen. Die worden de Virgins genoemd. Het waren er dit keer heel wat, waaronder een aantal kinderen. Ze werden toegezongen en het glas werd geheven. Het is de bedoeling dat je je glas in een keer leeg drinkt. Vroeger scheen het echt een verplichting te zijn dat je bier dronk, maar tegenwoordig mag water en cola ook.
Toen we weer naar huis gingen waren we het erover eens dat dit een buitengewoon gezelllige en sportieve happening was. Zoeiets wordt meestal 1 keer per maand georganiseerd, telkens door iemand anders. Simon en On denken de volgende keer ook weer te gaan.
Ik heb eens gezocht op internet en in Nederland bestaan drie van dergelijke groepen. In Den Haag, Amsterdam en Assen (!).
Struisvogelfarm
Zaterdag 17 januari kwam Deng ons ophalen met de auto om samen naar de Struivogelfarm te gaan, net buiten Chiangrai. Simon ging apart met de brommer, want behalve Deng en ik moesten ook nog On, Saengdao, Nakharin en Jennifer plus de moeder van Deng mee. En daarmee was de auto propvol.
De toegang was gratis, maar voor de attracties moest betaald worden. Het zag er allemaal gezellig uit. De kinderen plus On en Deng wilden graag een ritje maken op een paard. Het was leuk om daar rond te wandelen en de struisvogels te bekijken. Die mochten ook gevoerd worden met speciaal voer dat daar verkocht werd. Verder was er speelgelegenheid. Je kon ook met een rijtuigje rond gereden worden en daar hebben de moeder van Deng en ik samen met de kinderen gebruik van gemaakt. Onderweg werd gestopt bij een broedende struisvogel. Het beest werd van de eiren gejaagd en de kinderen mochten op de eieren gaan staan om te ervaren hoe sterk de schil is. Op het moment van ons bezoek kwam er net een struisvogelkuiken uit een ei. Dat konden we dus van dichtbij meemaken. Inmiddels was de ochtend weer om. We gingen eerst gezellig met elkaar eten en vervolgens weer naar huis om ons voor te bereiden op een wandeling met de Hesh House Harriers.
De toegang was gratis, maar voor de attracties moest betaald worden. Het zag er allemaal gezellig uit. De kinderen plus On en Deng wilden graag een ritje maken op een paard. Het was leuk om daar rond te wandelen en de struisvogels te bekijken. Die mochten ook gevoerd worden met speciaal voer dat daar verkocht werd. Verder was er speelgelegenheid. Je kon ook met een rijtuigje rond gereden worden en daar hebben de moeder van Deng en ik samen met de kinderen gebruik van gemaakt. Onderweg werd gestopt bij een broedende struisvogel. Het beest werd van de eiren gejaagd en de kinderen mochten op de eieren gaan staan om te ervaren hoe sterk de schil is. Op het moment van ons bezoek kwam er net een struisvogelkuiken uit een ei. Dat konden we dus van dichtbij meemaken. Inmiddels was de ochtend weer om. We gingen eerst gezellig met elkaar eten en vervolgens weer naar huis om ons voor te bereiden op een wandeling met de Hesh House Harriers.
Somdet Jaa park en Ban Dam
Week-end van 10 en 11 januari 2009.
Zaterdag had Yoko een song-thaw gehuurd en ons uitgenodigd voor een picknick in het Somdet Jaa park. Dit park is ter ere van de moeder van de koning. Haar officiële titel is Princess Mother, maar ze wordt ook wel wat huiselijker Somdet jaa genoemd. Somdet betekent Majesteit en Jaa= grootmoeder. We waren op tijd bij Yoko en kregen eerst heel lekkere Japanse thee te drinken. Vervolgens met de song-thaw naar het park. Het was daar heel mooi. Prachtig bloeiende planten. Het geheel lag aan een grote vijver en het maakte deel uit van de universiteit. We maakten daar een wandeling en kwamen langs de faculteit voor de traditionele geneeskunst. Daar stonden beelden die allerlei houdingen uitbeelden als oefening voor diverse lichamelijke klachten. Die oefeningen zijn sprekend de oefeningen die ik van de fysiotherapeut moet doen voor mijn rug en schouders.
We hadden verkeerd begrepen dat we hier zouden picnicken. Daarvoor gingen we naar een ander park vlak bij een waterval waar allerlei speciale plekjes waren. Het was daar ook erg mooi en de kinderen konden lekker spelen. Polly had gelogeerd bij Nayu en was er ook bij. Later in de middag gingen we weer naar het huis van Yoko waar ze ons vertelde er op te rekenen dat we zouden blijven om sushi te eten. Ze vertelde dat er Japanners in de buurt woonden met een restaurant en dat die op zaterdag volgens bestelling sushi maakten. Nou, die sushi was overheerlijk. Zelfs het eten met stokjes ging me aardig goed af.
Wij waren van plan om zondag naar een soort dorp te gaan dat door een kunstenaar uit Chiang Rai (Thwan Duchanee) is gebouwd. Hij heeft in de jaren 60 ook een paar jaar in Nederland gestudeerd. Wij spraken af dat we haar en haar man een dag later zouden komen halen met een song-thaw. Inmiddels was Julia gearriveerd om Polly op te halen. Nayu en Saengdao gingen met haar mee. We werden uitgenodigd voor een BBQ bij haar thuis. Er zouden nog meer mensen komen.
Dus wij er naar toe. Ze woont in een beeldig huis in een sort bos/boomgaard. Onze song-thaw driver wilde er eerst niet het bos inrijden omdat het er aardedonker is. Maar On wees de weg. Ik zou het zelf nooit gevonden hebben, want je zag geen hand voor ogen. Er was een heel gezelschap aanwezig. Nederlanders, Russen, Nieuw-Zeelanders, een Birmees. Heel leuk. Het was ondertussen vreselijk koud geworden. Buiten werd een vuur aangelegd en de BBQ aangestoken. Het vuur gaf wat warmte maar het bleef KOUD!KOUD! Tegen 11 uur bracht Julia ons naar huis en Saengdao bleef slapen. Nakharin wilde dat niet en die ging met ons mee. Het duurde lang eer ik weer wat opgewarmd was. Ik wist niet dat het in Thailand zo koud kon zijn.
Zondag gingen we al weer op tijd weg en haalden eerst Yoko en haar man op. Die gingen bij nader inzien op de brommer, omdat Yoko nog erg moe was van de dag ervoor en na het bezoek aan de huizen weer naar huis wilde om te rusten.. We kwamen aan bij Ban Dam. De estate overtrof mijn verwachtingen. Ik dacht dat er één of twee huizen zozuden staan, maar het was een heel dorp. Het eerste gebouw dat we zagen was nog in aanbouw. Het leek wel een kathedraal. Schitterend. De kunstenaar/architect zat daar wel, maar we hadden al gehoord dat hij met rust gelaten wilde worden, dus hebben we hem niet aangesproken, Het is een markante figuur met een lange grijze baard. De huizen zijn van donker hout gebouwd en mooi gedecoreerd. Overal stonden prachtige gebruiksvoorwerpen. Maar we mochten nergens naar binnen, alleen vanaf de buitenkant bewonderend kijken. Deze plek staat nergens aangegeven. Je moet echt weten waar je zoeken moet. Onze song-thaw driver had er nog nooit van gehoord en Simon wees dan ook op zijn brommer de weg en Yoko en haar man reden weer achter ons aan.
Om 12 uur gingen ze dicht voor de lunch en moesten we weg. Dit is echt een plek om nog eens te bezoeken. Julia was met de kinderen gekomen en toen Ban Dam werd gesloten reden we in optocht naar het olifantenkamp aan de Kok River. Yoko en haar man gingen naar huis, want die wilden even slapen. Het olifantenkamp was enig, maar mij zie je niet op een olifant. Veel te hoog. We bleven daar een poos en reden vervolgens terug met onderweg een stop bij de Boeddha grotten. Dat vond ik ook heel bijzonder. Het zijn grotten en binnenin is een tempel gemaakt met diverse beelden. Gelukkig was de trap er naar toe redelijk comfortabel.
We wandelden nog wat rond en gingen weer naar huis. Het was een vermoeiend, maar erg leuk en gezellig week-end.
http://www.buddhistartnews.com/ban07/?p=535
Zaterdag had Yoko een song-thaw gehuurd en ons uitgenodigd voor een picknick in het Somdet Jaa park. Dit park is ter ere van de moeder van de koning. Haar officiële titel is Princess Mother, maar ze wordt ook wel wat huiselijker Somdet jaa genoemd. Somdet betekent Majesteit en Jaa= grootmoeder. We waren op tijd bij Yoko en kregen eerst heel lekkere Japanse thee te drinken. Vervolgens met de song-thaw naar het park. Het was daar heel mooi. Prachtig bloeiende planten. Het geheel lag aan een grote vijver en het maakte deel uit van de universiteit. We maakten daar een wandeling en kwamen langs de faculteit voor de traditionele geneeskunst. Daar stonden beelden die allerlei houdingen uitbeelden als oefening voor diverse lichamelijke klachten. Die oefeningen zijn sprekend de oefeningen die ik van de fysiotherapeut moet doen voor mijn rug en schouders.
We hadden verkeerd begrepen dat we hier zouden picnicken. Daarvoor gingen we naar een ander park vlak bij een waterval waar allerlei speciale plekjes waren. Het was daar ook erg mooi en de kinderen konden lekker spelen. Polly had gelogeerd bij Nayu en was er ook bij. Later in de middag gingen we weer naar het huis van Yoko waar ze ons vertelde er op te rekenen dat we zouden blijven om sushi te eten. Ze vertelde dat er Japanners in de buurt woonden met een restaurant en dat die op zaterdag volgens bestelling sushi maakten. Nou, die sushi was overheerlijk. Zelfs het eten met stokjes ging me aardig goed af.
Wij waren van plan om zondag naar een soort dorp te gaan dat door een kunstenaar uit Chiang Rai (Thwan Duchanee) is gebouwd. Hij heeft in de jaren 60 ook een paar jaar in Nederland gestudeerd. Wij spraken af dat we haar en haar man een dag later zouden komen halen met een song-thaw. Inmiddels was Julia gearriveerd om Polly op te halen. Nayu en Saengdao gingen met haar mee. We werden uitgenodigd voor een BBQ bij haar thuis. Er zouden nog meer mensen komen.
Dus wij er naar toe. Ze woont in een beeldig huis in een sort bos/boomgaard. Onze song-thaw driver wilde er eerst niet het bos inrijden omdat het er aardedonker is. Maar On wees de weg. Ik zou het zelf nooit gevonden hebben, want je zag geen hand voor ogen. Er was een heel gezelschap aanwezig. Nederlanders, Russen, Nieuw-Zeelanders, een Birmees. Heel leuk. Het was ondertussen vreselijk koud geworden. Buiten werd een vuur aangelegd en de BBQ aangestoken. Het vuur gaf wat warmte maar het bleef KOUD!KOUD! Tegen 11 uur bracht Julia ons naar huis en Saengdao bleef slapen. Nakharin wilde dat niet en die ging met ons mee. Het duurde lang eer ik weer wat opgewarmd was. Ik wist niet dat het in Thailand zo koud kon zijn.
Zondag gingen we al weer op tijd weg en haalden eerst Yoko en haar man op. Die gingen bij nader inzien op de brommer, omdat Yoko nog erg moe was van de dag ervoor en na het bezoek aan de huizen weer naar huis wilde om te rusten.. We kwamen aan bij Ban Dam. De estate overtrof mijn verwachtingen. Ik dacht dat er één of twee huizen zozuden staan, maar het was een heel dorp. Het eerste gebouw dat we zagen was nog in aanbouw. Het leek wel een kathedraal. Schitterend. De kunstenaar/architect zat daar wel, maar we hadden al gehoord dat hij met rust gelaten wilde worden, dus hebben we hem niet aangesproken, Het is een markante figuur met een lange grijze baard. De huizen zijn van donker hout gebouwd en mooi gedecoreerd. Overal stonden prachtige gebruiksvoorwerpen. Maar we mochten nergens naar binnen, alleen vanaf de buitenkant bewonderend kijken. Deze plek staat nergens aangegeven. Je moet echt weten waar je zoeken moet. Onze song-thaw driver had er nog nooit van gehoord en Simon wees dan ook op zijn brommer de weg en Yoko en haar man reden weer achter ons aan.
Om 12 uur gingen ze dicht voor de lunch en moesten we weg. Dit is echt een plek om nog eens te bezoeken. Julia was met de kinderen gekomen en toen Ban Dam werd gesloten reden we in optocht naar het olifantenkamp aan de Kok River. Yoko en haar man gingen naar huis, want die wilden even slapen. Het olifantenkamp was enig, maar mij zie je niet op een olifant. Veel te hoog. We bleven daar een poos en reden vervolgens terug met onderweg een stop bij de Boeddha grotten. Dat vond ik ook heel bijzonder. Het zijn grotten en binnenin is een tempel gemaakt met diverse beelden. Gelukkig was de trap er naar toe redelijk comfortabel.
We wandelden nog wat rond en gingen weer naar huis. Het was een vermoeiend, maar erg leuk en gezellig week-end.
http://www.buddhistartnews.com/ban07/?p=535
maandag, januari 12, 2009
Visumtocht naar Myanmar (Birma)
Donderdag 8 januari 2009 moest Simon weer een tocht over de grens maken om zijn visum te verlengen. Ik ging met hem mee, want ik wilde de andere kant van de grens ook wel even zien. Vanaf het busstation in Chiang Rai kun je elk half uur met een bus naar Mae Sai, de grensplaats. De eerste bus waar we instapten, was een heel goedkope en ook heel klein. Wij pasten niet tussen de bankjes en besloten een volgende bus te nemen. Dat ging goed, die bus was wat duurder, maar ook wat ruimer. Met z'n tweeën op een driepersoonsplaats ging net. Overigens was het maar 84 B voor ons beiden. We hadden een conductrice waarvan ik dacht dat het misschien eigenlijk een man was. Dat soort figuren zie je tamelijk vaak in Thailand. Ik heb nog nooit kunnen merken dat iemand er aanstoot aan nam. Dit was een bus die tamelijk veel stopte en na twee uur rijden waren we in Mae Sai. Het was inmiddels 12 uur en tijd om eerst even iets te eten. Simon wist een goeie Chinees. Daar kregen we eerst een gestoomd broodje gevuld met ei en varkensvlees en nog iets gestoomds dat ook lekker was. Vervolgens een kom noedelsoep en we konden er weer tegen. Daarna liepen we naar de Thaise grenspost, waar we uitgestempeld werden. Vervolgens naar de immigratie van Myanmar. Daar werden we gefotografeerd, moesten ieder 500 B betalen en moesten ons paspoort inleveren en kregen een dagpas. De andere Birmese kant van de grens heet Thaichileik. We werden al meteen aangesproken door een tuktuk-driver die ons voor 300 B wel wilde rondrijden. We accepteerden dat, want het is een handige manier om wat te zien zonder al te moe te worden. De man sprak Thais en gaf onderweg uitleg. Wat me het eerste opviel was dat hier nog veel sarongs worden gedragen, ook door mannen en het verkeer is rechts. We werden eerst naar een tempel gereden, die we aan de binnenkant nogal steriel vonden. Er waren wel mooie muurschilderingen over het leven van Boeddha. En er werden souvenirs aangeboden. Ik kocht een stel mooi geborduurde postkaarten. Bij nader inzien was wel merkbaar dat de mensen hier armer zijn dan in Thailand. Hierna werden we naar weer een andere tempel bovenop een heuvel gebracht. De tuktuk kwam met moeite boven en we hoopten maar dat zijn remmen beter waren dan zijn motor, want we moesten natuurlijk oook nog naar beneden. Ook hier was toch wel duidelijk merbaar dat het allemaal minder rijk is dan in Thailand. Het was een vrij groot complex en erg leeg. Simon en ik kregen meteen een begeleider met een paraplu om ons in de schaduw te houden. We kwamen niet van ze af en accepteerden het maar. Hoewel ze zeiden dat we niet hoefden te betalen was er natuurlijk wel hoop op een fooitje. De mensen waren ontzettend vriendelijk en hulpvaardig zonder dat ze onderdanig werden. Ook moesten en zouden we samen op de foto en de mannelijke parapludrager wees ons precies de plekken aan waar we moesten staan of zitten en hij maakte dan met mijn camera de foto's. Simon en ik werden er allebei een beetje lacherig van.
Na ons bezoek aan deze tempel werden we naar een soort wijkje gebracht dat nog geheel in authentieke stijl bestond. De man zei ons hierdoor naar beneden te lopen waar hij op ons zou wachten. Hij vertelde dat de grote tours dit ook deden. Hij had gelijk dat het bijzonder was om er doorheen te lopen. Smalle straatjes met huizen van hout en bamboe en mensen die onder hun huizen aan het werk waren. We zagen dat hier ook nog veel op houtskool wordt gekookt. We brachten ook een bezoek aan de plaatselijke markt, waar we rustig konden lopen zonder lastig te worden gevallen.
Hij wilde ons nog naar de longneks brengen, maar dat hebben we afgeslagen.
We werden teruggebracht naar de grens en toen was het tijd voor koffie. Er bleek een goeie koffieshop te zijn. Na de koffie liepen we nog over de grensmarkt. Het was er erg druk met Thai, die hier massaal inkopen konden doen. Deze markt zag er ook heel wat rijker uit dan de markt binnenin de stad.
We liepen weer terug naar de grenspost, waar we eerst onze paspoorten konden ophalen bij de Birmese kant en vervolgens bij de Thaise kant weer werden ingestempeld. Simon zijn visum werd verlengd met drie maanden en ik kreeg een stempel dat 14 dagen geldig is. Dat betekent dat ik een overstay maak als ik in Bangkok aankom, maar 1 dag is toegestaan.
We haalden nog net een goeie aircobus terug naar Chiang Rai. Dit is een bus die helemaal door rijdt naar Rayong aan de golf van Thailand. Een flesje water en een verfrissingsdoekje waren inbegrepen bij de prijs, die nu 67 B p.p. was. Maar we hadden prima stoelen. Ik zat er zelfs beter dan in het vliegtuig. Deze bus ging ook heel veel sneller. We vertrokken 15.45 uur en waren 17 uur weer in Chiang Rai. Nog even eten in het vegetarisch restaurant en toen met een tuktuk weer naar huis.
Was ik dus toch nog even in Myanmar geweest. Ik denk wel dat de mensen in zo'n grensplaats waar ook tours komen, toch wat beter af zijn wat werk en inkomsten betreft, dan in de rest van dat land.
Na ons bezoek aan deze tempel werden we naar een soort wijkje gebracht dat nog geheel in authentieke stijl bestond. De man zei ons hierdoor naar beneden te lopen waar hij op ons zou wachten. Hij vertelde dat de grote tours dit ook deden. Hij had gelijk dat het bijzonder was om er doorheen te lopen. Smalle straatjes met huizen van hout en bamboe en mensen die onder hun huizen aan het werk waren. We zagen dat hier ook nog veel op houtskool wordt gekookt. We brachten ook een bezoek aan de plaatselijke markt, waar we rustig konden lopen zonder lastig te worden gevallen.
Hij wilde ons nog naar de longneks brengen, maar dat hebben we afgeslagen.
We werden teruggebracht naar de grens en toen was het tijd voor koffie. Er bleek een goeie koffieshop te zijn. Na de koffie liepen we nog over de grensmarkt. Het was er erg druk met Thai, die hier massaal inkopen konden doen. Deze markt zag er ook heel wat rijker uit dan de markt binnenin de stad.
We liepen weer terug naar de grenspost, waar we eerst onze paspoorten konden ophalen bij de Birmese kant en vervolgens bij de Thaise kant weer werden ingestempeld. Simon zijn visum werd verlengd met drie maanden en ik kreeg een stempel dat 14 dagen geldig is. Dat betekent dat ik een overstay maak als ik in Bangkok aankom, maar 1 dag is toegestaan.
We haalden nog net een goeie aircobus terug naar Chiang Rai. Dit is een bus die helemaal door rijdt naar Rayong aan de golf van Thailand. Een flesje water en een verfrissingsdoekje waren inbegrepen bij de prijs, die nu 67 B p.p. was. Maar we hadden prima stoelen. Ik zat er zelfs beter dan in het vliegtuig. Deze bus ging ook heel veel sneller. We vertrokken 15.45 uur en waren 17 uur weer in Chiang Rai. Nog even eten in het vegetarisch restaurant en toen met een tuktuk weer naar huis.
Was ik dus toch nog even in Myanmar geweest. Ik denk wel dat de mensen in zo'n grensplaats waar ook tours komen, toch wat beter af zijn wat werk en inkomsten betreft, dan in de rest van dat land.
maandag, januari 05, 2009
Phu Chi Fah en Chiang Khong
Zaterdag 3 januari 2009 gingen we weer op pad met een busje. We wilden naar de klif Phu Chi Fah en daarna naar het stadje Chiang Khong. Na een tocht van ongeveer twee uur kwamen we boven bij de berg. Onderweg weer een mooi landschap. De Phu Chi Fah is een steile klip, die in Thailand zeer beroemd is. Veel mensen gaan in de buurt kamperen en gaan dan eerst 's avonds naar de zonsondergang kijken. En 's morgens naar de zonsopgang. Volgens de beschrijvingen moet dat een spectaculair gezicht zijn. De vallei is gevuld met mist en daar gaat de zon doorheen schijnen en als je het geluk hebt dat de mist geheel verdwijnt, kun je beneden de Mekhong zien stromen en schijnt het uitzicht adembenemend te zijn. Toen wij bij de parkeerplaats kwamen, stond het er al mudvol met auto's. Het bleek dat de laatste 750 meter geklommen moest worden. Gezien de artrose in mijn knieën leek dat geen goed idee. Bovendien had ik het vermoeden dat er weinig te zien zou zijn, want er hing veel nevel. Simon, On en de kinderen gingen wel. Het was er inderdaad mistig. Toen ik beneden zat te wachten, zag ik ineens een jong stel van een hill-tribe. Het leek mij Mhong, gezien de fraaie geborduurde kleding van de jonge vrouw. Bij haar prachtige dracht droeg ze schoenen met stelthakken. Maar ja, geboren en getogen in de bergen, liep ze met gemak de berg op alsof ze in een park wandelde. De jonge man, die ook fraai gekleed was, liep er nonchalant bij met de handen in de zakken. Een heel verschil met de zwoegende toeristen.
Het was trouwens behoorlijk frisjes op de berg, vooral omdat de zon verstek liet gaan. Die scheen wel in de vallei aan mijn kant. Het was een druk komen en gaan. Hele families werden aangevoerd in pickup trucks. Vaak gehuld in dekbedden en dekens. Ik sta iedere keer weer versteld hoeveel Thai in één auto gaan. Zo telde ik een familie waarvan 12 mensen in de open bak zaten en in de cabine zaten ook nog eens drie volwassen met een stel kleine kinderen op schoot. Je moet er nietaan denken dat die een ongeluk krijgen. De weg is niet geschikt voor toerbussen, dus die kwamen er niet. Ik zag ook geen andere westerlingen. Deze berg ligt ook niet op een route die de westerlingen gebruiken. Je moet er speciaal naar toe en je moet dan iets huren want er rijdt geen bus. Het is ook maar de vraag of het een song-thaw lukt de berg op te komen. We zagen wel stoere fietsers. Bewonderenswaardig. De berg is plm. 1600 meter hoog met flinke steile hellingen. Tegen de kou werd er instantsoep verkocht, maar ook een soort roti. Die worden in een flinke hoeveelheid boter gebakken. Toch kon ik de verleiding niet weerstaan en bestelde er eentje met banaan. Op het pannenkoekje gaat dan ook nog eens gecondenseerde gesuikerde melk. Mierzoet en vet, ongezond en HEERLIJK!!!. De rest van de familie hield het bij terugkomst op soep.
Daarna weer de berg af en op weg naar Chiang Khong. We kwamen langs leuke dorpen met mensen in hun specifieke dracht. Mooie huizen van bamboe en hout. Maar ook weer van beton. Iedereen bouwt zoals het hem lijkt en ook heeft niet iedereen een opgeruimd erf. Vaak is het een zooitje. Ik moet dan denken aan Nederlandse welstandscommissies die zich buigen over een bouwplan als iemand een ietsjepietsje wat anders wil. Wel netjes en opgeruimd natuurlijk, maar ook wel saai. Vanuit mijn flat in Leiden zie ik de achterkanten van huizen aan de overkant van het water. Aan de achterkant mag je in Nederland wat meer en daar hebben een aardig aantal bewoners gebruik van gemaakt. Heerlijk vind ik dat al die aparte schuurtjes, uitbouwtjes, molens e.d.
Het was nog een hele rit. Uiteindelijk zagen we de Mekhong weer. De rivier leek hier wat smaller dan bij Chiang Saen. Ongeveer 15 km voor Chiang Khong was een uitzichtpunt. Ik blijf de rivier fascinerend vinden. En aan de overkant Laos, waar het leven totaal anders is. Eindelijk kwamen we bij Chiang Khong. Er was een lange hoofdstraat met aan de kant markt. Een keur van verse groenten ligt opgestapeld en uitgestald op rieten matjes. De koopvrouwen op hun hurken ernaast. Ook zagen we veel guesthouses. Deze plaats wordt veel gebruik door backpackers om naar Laos te gaan of Thailand binnen te komen. Het was een gezellige drukte. We vonden een aardig guesthouse met restaurant en een fraai terras aan de rivier. Tot mijn vreugde hadden ze keng tjeu. Dat is een vegetarische soep met veel groente in een koreanderbouillon. Was lekker klaar gemaakt.
Toen we terug gingen kocht Simon op de markt nog een grote gegrilde vis om thuis op te eten. Die vissen worden dik ingesmeerd met zout en dan op een rooster gegrild. Ze zijn erg lekker.
Via de kortste route naar huis, maar dat was toch nog ongeveer twee uur rijden. We waren pas weer tegen 8 uur thuis en waren moe van een geweldige dag.
Het was trouwens behoorlijk frisjes op de berg, vooral omdat de zon verstek liet gaan. Die scheen wel in de vallei aan mijn kant. Het was een druk komen en gaan. Hele families werden aangevoerd in pickup trucks. Vaak gehuld in dekbedden en dekens. Ik sta iedere keer weer versteld hoeveel Thai in één auto gaan. Zo telde ik een familie waarvan 12 mensen in de open bak zaten en in de cabine zaten ook nog eens drie volwassen met een stel kleine kinderen op schoot. Je moet er nietaan denken dat die een ongeluk krijgen. De weg is niet geschikt voor toerbussen, dus die kwamen er niet. Ik zag ook geen andere westerlingen. Deze berg ligt ook niet op een route die de westerlingen gebruiken. Je moet er speciaal naar toe en je moet dan iets huren want er rijdt geen bus. Het is ook maar de vraag of het een song-thaw lukt de berg op te komen. We zagen wel stoere fietsers. Bewonderenswaardig. De berg is plm. 1600 meter hoog met flinke steile hellingen. Tegen de kou werd er instantsoep verkocht, maar ook een soort roti. Die worden in een flinke hoeveelheid boter gebakken. Toch kon ik de verleiding niet weerstaan en bestelde er eentje met banaan. Op het pannenkoekje gaat dan ook nog eens gecondenseerde gesuikerde melk. Mierzoet en vet, ongezond en HEERLIJK!!!. De rest van de familie hield het bij terugkomst op soep.
Daarna weer de berg af en op weg naar Chiang Khong. We kwamen langs leuke dorpen met mensen in hun specifieke dracht. Mooie huizen van bamboe en hout. Maar ook weer van beton. Iedereen bouwt zoals het hem lijkt en ook heeft niet iedereen een opgeruimd erf. Vaak is het een zooitje. Ik moet dan denken aan Nederlandse welstandscommissies die zich buigen over een bouwplan als iemand een ietsjepietsje wat anders wil. Wel netjes en opgeruimd natuurlijk, maar ook wel saai. Vanuit mijn flat in Leiden zie ik de achterkanten van huizen aan de overkant van het water. Aan de achterkant mag je in Nederland wat meer en daar hebben een aardig aantal bewoners gebruik van gemaakt. Heerlijk vind ik dat al die aparte schuurtjes, uitbouwtjes, molens e.d.
Het was nog een hele rit. Uiteindelijk zagen we de Mekhong weer. De rivier leek hier wat smaller dan bij Chiang Saen. Ongeveer 15 km voor Chiang Khong was een uitzichtpunt. Ik blijf de rivier fascinerend vinden. En aan de overkant Laos, waar het leven totaal anders is. Eindelijk kwamen we bij Chiang Khong. Er was een lange hoofdstraat met aan de kant markt. Een keur van verse groenten ligt opgestapeld en uitgestald op rieten matjes. De koopvrouwen op hun hurken ernaast. Ook zagen we veel guesthouses. Deze plaats wordt veel gebruik door backpackers om naar Laos te gaan of Thailand binnen te komen. Het was een gezellige drukte. We vonden een aardig guesthouse met restaurant en een fraai terras aan de rivier. Tot mijn vreugde hadden ze keng tjeu. Dat is een vegetarische soep met veel groente in een koreanderbouillon. Was lekker klaar gemaakt.
Toen we terug gingen kocht Simon op de markt nog een grote gegrilde vis om thuis op te eten. Die vissen worden dik ingesmeerd met zout en dan op een rooster gegrild. Ze zijn erg lekker.
Via de kortste route naar huis, maar dat was toch nog ongeveer twee uur rijden. We waren pas weer tegen 8 uur thuis en waren moe van een geweldige dag.
donderdag, januari 01, 2009
Chiang Saen en Golden Triangle
Woensdag 31 december hadden we weer een busje gehuurd. Eerst leek het erop dat het niet zou lukken, maar uiteindelijk was er toch wat vrij. We vertrokken even na half negen richting Chiang Saen. Na ruim een uur kwamen bij het meer dat kort voor de plaats ligt. Het was daar erg mooi en vredig. Hier viel het nog mee met de toeristen. We hebben er ongeveer een uur doorgebracht en genoten van de rust en al het moois.
Daarna weer verder. We wilden nog de oude stad bezoeken.
Na een mooie tocht bereikten we de eerste ruine met een nog in gebruik zijnde Wat. De Wat Phrathat Chedi Luang. We wilden naar het museum, maar dat bleek wegens renovatie gesloten. Aan de overzijde van de weg waren nog een paar oude gebouwen te zien met een aanduiding van een vroeger stratenplan. Met het busje lieten we ons door Chiang Saen rijden, op zoek naar oude gebouwen. Dat leverde weinig op, maar we zagen wel heel wat van de nieuwe stad. Die zag er mooi uit vonden we. Heel wat mooier dan Chiang Rai. Het geheel maakte ook een welvarende indruk, net als de hele streek. Tenslotte kwamen we bij de Mekong. Een indrukwekkende rivier. Bij een vroeger bezoek aan Thailand had ik de rivier al eens gezien bij Nongkhai en later in Laos bij Vientiane.
Er lagen boten uit China en aan de overzijde lag Laos. We trokken weer verder naar de Golden Triangle. De chauffeur bracht ons eerst naar een tempel op een berg, Phrathat Doi Pu Khao. Vanaf het bordes van de tempel hadden we een schitterend uitzicht op de vallei van de Mekong. Een eindje verder stelde een Akha vrouw haar drie kindjes op die er schattig uitzagen in hun mooie klederdracht. Ze zongen een liedje voor me en natuurlijk gaf ik geld om ze te kunnen fotograferen.
Vervolgens reden we door naar het officiële punt aan de kade van de Mekong. Hier was het stervens druk. Het uitzicht was wel weer erg mooi en we hadden goed uitzicht op het grensgebied Thailand, Laos en Birma. Ik denk dat het buiten het hoogseisoen hier heel rustig is.
Via Mae Sai reden we weer terug naar huis.
Daarna weer verder. We wilden nog de oude stad bezoeken.
Na een mooie tocht bereikten we de eerste ruine met een nog in gebruik zijnde Wat. De Wat Phrathat Chedi Luang. We wilden naar het museum, maar dat bleek wegens renovatie gesloten. Aan de overzijde van de weg waren nog een paar oude gebouwen te zien met een aanduiding van een vroeger stratenplan. Met het busje lieten we ons door Chiang Saen rijden, op zoek naar oude gebouwen. Dat leverde weinig op, maar we zagen wel heel wat van de nieuwe stad. Die zag er mooi uit vonden we. Heel wat mooier dan Chiang Rai. Het geheel maakte ook een welvarende indruk, net als de hele streek. Tenslotte kwamen we bij de Mekong. Een indrukwekkende rivier. Bij een vroeger bezoek aan Thailand had ik de rivier al eens gezien bij Nongkhai en later in Laos bij Vientiane.
Er lagen boten uit China en aan de overzijde lag Laos. We trokken weer verder naar de Golden Triangle. De chauffeur bracht ons eerst naar een tempel op een berg, Phrathat Doi Pu Khao. Vanaf het bordes van de tempel hadden we een schitterend uitzicht op de vallei van de Mekong. Een eindje verder stelde een Akha vrouw haar drie kindjes op die er schattig uitzagen in hun mooie klederdracht. Ze zongen een liedje voor me en natuurlijk gaf ik geld om ze te kunnen fotograferen.
Vervolgens reden we door naar het officiële punt aan de kade van de Mekong. Hier was het stervens druk. Het uitzicht was wel weer erg mooi en we hadden goed uitzicht op het grensgebied Thailand, Laos en Birma. Ik denk dat het buiten het hoogseisoen hier heel rustig is.
Via Mae Sai reden we weer terug naar huis.
Flower Festival
Maandag 29 december besloten we een bezoek te brengen aan het Flower Festival hier in Chiang Rai. Het was een prachtige tentoonstelling van bloemen zoals ze hier in de buurt gekweekt worden. Klapstuk was een heel veld met tulpen, die veel bekijks trokken. Er waren aardig wat mensen op de been. Het geheel deed me wat denken aan de Keukenhof. Net als in de tuin van Doi Tung veel begonia,s, geraniums en ook nog gladiolen. Langs de rand was een plantenmarkt, waar we ook overheen hebben gelopen. En natuurlijk was er de etensmarkt. Twee grote velden met tafels en stoelen en langs de randen de eettentjes waar vele gerechten konden worden gekocht. Verder een markt met de gebruikelijke waren. Ook was er een kleine hill-tribe village, niet van een soort bergvolk, maar van diverse. Zo kon je zien welke soorten huizen er gebouwd worden.
Het is hier hoogseizoen. Veel Thai hebben deze week vrij en trekken naar het noorden om de kou te ervaren. Nou valt het overdag wel mee met die kou. De zon schijnt en in de middag komt de temperatuur zeker boven de 25 graaden. Er waait wel een frisse wind en dat maakt de warmte aangenaam.
Het is hier hoogseizoen. Veel Thai hebben deze week vrij en trekken naar het noorden om de kou te ervaren. Nou valt het overdag wel mee met die kou. De zon schijnt en in de middag komt de temperatuur zeker boven de 25 graaden. Er waait wel een frisse wind en dat maakt de warmte aangenaam.
Abonneren op:
Reacties (Atom)
